Rhombus Upside
Dit is een studieproject dat nodig is voor een geïntegreerde aanpak van de verbetering van de infrastructuur van de binnenwateren om de modal shift van (huidige en toekomstige) vrachtvolumes van wegvervoer naar vervoer over de binnenwateren te vergemakkelijken. Dit zal de verbindingen over de binnenwateren tussen Nederland, België en Duitsland verbeteren en bijdragen aan het dichten van de huidige kloof in de kwaliteit van de infrastructuur, namelijk het gebrek aan voldoende en duurzame infrastructuur voor de overslag van goederen over de binnenwateren.
De havens die dit project uitvoeren zijn Stein (WP2), Roermond (WP3), Maastricht (WP4), Venlo (WP5) en Tilburg (WP6). Deze uitgebreide havens liggen allemaal aan de Maas of aan kanalen die rechtstreeks op de Maas uitkomen, een belangrijke waterweg in zowel de Nederlandse vrachtcorridors als de NSMED TEN-T-kerncorridor. Elk van deze havens kampt met capaciteitsbeperkingen en/of congestie, hetzij nu al, hetzij in de nabije toekomst. Een upgrade van de overslagfaciliteiten voor binnenvaarttransport zal een toename van de modal shift van wegvervoer naar binnenvaartvervoer op het TEN-T-kernnetwerk mogelijk maken, evenals een hogere algehele efficiëntie en een aanzienlijk hogere vrachtdoorvoer via de waterwegen van het Rhombus-gebied (het ruitvormige binnenvaarttransportsysteem dat Rotterdam-Nijmegen-Venlo-Luik-Antwerpen met elkaar verbindt)

Planmatig kader
Voor de planmatige aanpak is het “global project” ontwikkeld, dit betreft het Ruit-idee (in het Engels Rhombus is Ruit), hieronder weergegeven. Het Rhombus idee biedt de mogelijkheid om projecten in lange termijn ontwikkelingsperspectief te plaatsen en is door nationaal beleid gesteund (Topcorridors). Hierdoor kunnen de projecten ook beter gekoppeld worden aan de TEN-T corridor en krijgt het een Europees accent, wat van belang kan zijn in de CEF. Een ander voordeel van het Rhombus idee is dat ook minder kansrijke projecten door hun samenhang met eerdere projecten een hogere prioriteit krijgen.

Het idee van de Rhombus kan als volgt worden samengevat:
- Modal shift van weg naar water die bijdraagt aan congestievermindering op de belangrijke Europese (achterland)verbindingen van het TEN-T-kernnetwerk.
- Grensoverschrijdende benadering NL en B. Ook deel van NRW wordt aangehaakt doordat oostelijk bedieningsgebied van de Maas in NRW ligt.
- Rhombus biedt kansen voor een robuuster transportsysteem
- Door ruit-vorm is elke locatie tweezijdig te benaderen
- Door gestuwde Maas en Albertkanaal kent de Ruit een stabiel waterniveau en is dus minder afhankelijk van lage waterstand
- Bij 24/7-bediening is de Ruit altijd bereikbaar.
- Beoogde projecten langs de Ruit dragen bij aan het opwaarderen van de vaarroute naar minimaal Vb (deel is zelfs VI) en rechtvaardigen eerdere EU-investeringen in deze Ruit (verhogen bruggen Albertkanaal)
- Versterking van de duurzaamheid
- Een volwaardige Ruit draagt substantieel bij aan modal shift;
- Projecten langs de Maas dragen ook bij aan hoogwaterbescherming;
- Beperkte afstanden van de Ruit in combinatie met ‘pendeldienst’-model biedt goede kansen voor het uitrollen van het concept met elektrische en/of H2-schepen
- Ruit-model ondersteunt mainports én hinterlandhubs. Minder congestie in havens van Rotterdam en Antwerpen; meer lading voor de hinterlandhubs;
- Integraal model van mind-, soft- en hardware (afvaltransport, Clean Energy Hubs, digitalisering (voorspellen ETA en wachttijden, managementsysteem sluizen en bruggen)
- Rhombus zorgt voor link tussen Rhine-Alpine- en NorthSea-Med-corridor. Door beperkte afstand tussen Maas in Limburg en Rijn in NRW (50 km ) kan uitwisseling plaatsvinden tussen beiden corridors. Dit versterkt de resilience van beide EU-corridors (TEN-T).
- Het idee is ook positief voor militair transport (inmiddels ook een van de opgaven van het TEN-T-netwerk) vanuit de zeehavens naar het Duitse achterland. De knooppunten spelen daarin een belangrijke rol.
- Verdere ondersteuning van de economische ontwikkeling van de knooppunten langs de Ruit.
Overigens, het Rhombus idee is gedeeld met EC TEN-T corridor coördinatoren en met andere relevante partijen in Brussel tijdens de TEN-T fora eind november 2019, daar is contact gelegd met de Belgische overheden ten behoeve van projecten gesitueerd in België.




